Fransina is mantelzorger

4 mei 2022

Fransina Meerbeek heeft altijd in de zorg gewerkt zowel met personen met als zonder dementie. Dementie is haar niet onbekend. Toen haar man Dik (76) vreemd gedrag begon te vertonen, herkende ze de symptomen en wist ze meteen dat er iets niet goed zat. Toch moest ze haar man flink ervan overtuigen om naar de huisarts te gaan voor een test. Inmiddels is bij haar man vasculaire dementie vastgesteld. Wat voor impact heeft dat op je leven als je voor een echtgenoot met dementie moet zorgen?

Een buddy zou welkom zijn in mijn leven

Fransina: ‘Zorgen voor een echtgenoot met dementie valt mij soms zwaar. Je bent geen man en vrouw meer voor elkaar. Ik ben alleen zijn verzorger en dat vind ik af en toe moeilijk. Ik cijfer mezelf vaak weg. Dit komt waarschijnlijk door mijn beroep. Ik ben jarenlang ziekenverzorgende geweest ook bij cliënten met dementie. Als de cliënten wisten dat ik er was, bleven ze net zolang wakker totdat ik even langskwam, daarna sliepen ze pas de hele nacht door.’ ‘Tien jaar geleden merkte ik dat het gedrag van Dik veranderde, als hij weleens een wijntje of biertje dronk. Hij viel dan plotseling tegen me uit, wat nog nooit eerder was gebeurd. We zijn toen beiden gestopt met het drinken van alcohol. Ook viel me op dat hij steeds minder kon onthouden. Later was autorijden niet meer veilig (hij reed tegen het verkeer in op de rotonde). Fietsen kon hij ook niet meer nadat hij een keer flink was gevallen met de e-bike. 

Gelukkig kon ik hem ervan overtuigen dat het niet goed zat in zijn hoofd en deed hij de dementietest bij de huisarts. Bijna alle vragen van de twee testen beantwoordde hij fout. Hij wist zelfs niet meer de naam van de wijk waarin hij woonde.’

Geriater

‘Toen we werden doorverwezen naar de geriater voor onder anderen een scan, werd vasculaire dementie bij hem vastgesteld. Ondanks dat Dik alles ontkent, werkte hij volledig mee. Tot nu toe gaat alles nog goed. Ik hoef hem niet te helpen met douchen en aankleden. Hij toont ook geen ‘wegloopgedrag’ wat je weleens vaker ziet bij ouderen met dementie. Wel is hij vaak onrustig, dan wil hij naar de terrasjes, ergens koffie drinken of een broodje eten. Daar heb ik wel moeite mee. Omdat ik last heb van astma kan ik niet zo vaak en lang lopen achter elkaar.’

Contacten

‘Maar ik kan hem niet alleen achterlaten. In coronatijd vielen veel contacten weg. Dik is een lieve sociale man, maar hij wil niemand meer over de vloer, behalve mijn kleindochter dan. Daar kan hij het goed mee vinden. Maar ik geniet nog van alle kleine dingen. Ik scrabbel bewust veel met hem om te kijken of hij dat nog kan. Af en toe haalt hij alleen boodschappen bij de supermarkt. Dan geef ik hem een briefje mee. En soms komt hij terug met een taart, want die was in de aanbieding zegt ie dan.’

Tevreden

‘Natuurlijk verlies ik ook weleens mijn geduld. Door mijn astma ben ik vaak moe. Dan ben ik streng tegen hem, wat tegen mijn natuur in gaat. Dat voelt best rot. Maar dat doe ik om mezelf te beschermen. Dik is bang dat hij opgenomen wordt en ik ben nog niet zo ver om hem weg te brengen naar een verpleeghuis. Af en toe beseft hij wat hem mankeert. Dan zegt ie dat het heel raar is in zijn hoofd. Maar hij wil er niet aan dat hij dementie heeft. Eén keer in de drie maanden komt er een casemanager dementie bij ons. Dat beschouw ik echt als een soort uitje, even iemand anders over de vloer. Het zou mooi zijn als ik een vast persoon, een soort buddy zou hebben, die op Dik past, zodat ik een keer een half dagje weg kan. Maar zolang we nog samen zijn blijf ik dik tevreden met Dik.’

Terug naar overzicht